Bijlage C

Notitie toevoegen
Annuleren
Document toevoegen

Toegestaan: documenten (PDF, Word en Excel) en afbeeldingen (.png, .gif en .jpg). De maximale grootte per bestand is 5 MB.

Annuleren
(informatief)

Use cases

Case 1: Een patiënt wil een ad-hocbericht aan zijn huisarts versturen.
Uitwerking: De patiënt kijkt op de website van de huisarts en ziet hier duidelijk dat hij via een veilige methode een ad-hocbericht aan de huisarts kan versturen. Dit kan bijvoorbeeld via een portaal, een beveiligde e-mail of een webformulier. Belangrijk is dat de zorgprofessional zijn patiënten goed informeert over de gewenste veilige methode en dit waar mogelijk faciliteert.
Onderdelen NTA 7516: Invulling van 6.5 'door personen geïnitieerd ad-hocberichtenverkeer'.
Case 2: De diëtist wil een ad-hocbericht aan de cliënt sturen.
Uitwerking 1: De oplossing van de diëtist staat zo ingesteld dat een e-mail niet regulier kan worden afgeleverd. De cliënt krijgt in zijn e-mailbox een melding dat er een ad-hocbericht voor hem klaarstaat in het systeem van de diëtist. Op de website van de diëtist wordt duidelijk uitgelegd hoe dit te openen met een middel dat voldoet aan het betrouwbaarheidsniveau 'substantieel'.
Uitwerking 2: De diëtist heeft voor een veilige e-mailoplossing gekozen waarmee ook naar een e-mailadres gestuurd kan worden. In de praktijk zal dit leiden tot een e-mail die in de inbox wordt afgeleverd met een extra verzoek om authenticatie van de ontvanger op het juiste (eIDAS-)niveau.
Onderdelen NTA 7516: Invulling wordt gegeven aan 5.6 'betrouwbaarheidsniveau voor authenticatie'; 6.1.10 'toegangsvertrouwelijkheid'.
Case 3: Een psycholoog met oplossing A wil een psychiater met oplossing B een e-mail sturen.
Uitwerking: Beide oplossingen voldoen aan NTA 7516 en de organisaties hebben alle passende maatregelen getroffen. Het ad-hocbericht wordt verstuurd vanuit oplossing A en ontvangen in oplossing B. Beiden werken direct in de eigen gekozen oplossingen.
Onderdelen NTA 7516: Invulling wordt gegeven aan 7.2 'multikanaalcommunicatie'.
Case 4: Een burgemeester moet een WvGGZ-beschikking met spoed naar een GGZ-instelling sturen.
Uitwerking: De ontvangende GGZ-instelling werkt met een generiek e-mailadres voor spoedzorg. Zij heeft rondom de toegang tot deze berichtenbox een intern beleid opgesteld met regels voor de toegang en een werkend proces om enkel geautoriseerde personen toegang te verlenen conform het beleid. Hierdoor kan de dienstdoende arts van de GGZ-instelling ’s nachts op het generieke e-mailadres de beschikking ontvangen zonder dat de burgemeester een lijst hoeft bij te houden met individuele medewerkers uit de betreffende GGZ-instelling die een dergelijk ad-hocbericht mogen verwerken. De toegang tot de ad-hocberichten en de verdere verwerking worden gelogd binnen de GGZ-instelling.
Onderdelen NTA 7516: Invulling wordt gegeven aan 6.1.9 'gegevensvertrouwelijkheid'; 6.3 beleid rondom het 'gebruik'; 6.4.2 'logging' van e-mailberichten.
Case 5: Een professional wil een e-mail opnemen in het informatiesysteem.
Uitwerking: Een ontvangen ad-hocbericht bevat relevante dossierinformatie voor het huisartsinformatiesysteem (HIS) van de huisarts. Deze maakt gebruik van een specifieke oplossing van een communicatiedienst, die hem in staat stelt een ad-hocbericht met behoud van inhoud, veilig en correct op te slaan bij de juiste patiënt. De huisarts heeft specifiek voor deze dienst gekozen omdat niet alle NTA-oplossingen deze koppeling met het informatiesysteem hebben.
Onderdelen NTA 7516: Invulling wordt gegeven aan 6.1.18 'dossierkoppeling'.
Case 6: Een patiënt met een veilige 19) e-mailoplossing wil met zijn zorgverlener e-mailen.
Uitwerking: De patiënt heeft een veilige e-mailoplossing waarmee ook naar een e-mailadres gestuurd kan worden. In de praktijk zal dit leiden tot een e-mail die in de inbox wordt afgeleverd waarbij de ontvanger eerst een verzoek krijgt zich met een authenticatiemiddel op voldoende niveau (eIDAS-substantieel) te authenticeren alvorens het bericht te kunnen lezen. Indien beide oplossingen voldoen aan NTA 7516 en de zorgverlener heeft alle passende maatregelen getroffen, wordt de e-mail verstuurd vanuit de oplossing van de patiënt en ontvangen in de oplossing van de zorgverlener. Beiden werken direct in de eigen gekozen oplossingen. De uitwerking is dan gelijk aan die in use case 3.
Onderdelen NTA 7516: Invulling wordt gegeven aan 7.2 'multikanaalcommunicatie'.